donderdag 4 juni 2020

Beautiful Beaufort


Al bijna drie weken zijn we in Beaufort. Bijkomen van de tocht, wennen aan de vrijheid en natuurlijk wachten op de vele spullen die we hebben besteld. Ondertussen genieten we van de Amerikaanse gastvrijheid.
LJS bij Cape Lookout met een Schaarbek in actie voor het strand
Wat is het toch heerlijk om weer een hele nacht door te kunnen slapen terwijl je veilig ligt te wiegen achter je anker. Helemaal uitgerust worden we 18 mei wakker. Om 9 uur worden we door Ken van een andere OCC (Ocean Cruising Club) boot opgeroepen via de marifoon. De OCC port officer Dianne is onderweg en staat om 10.30 op de haven. Wij kunnen de bijboot bij zijn boot vastmaken. Wat lief al die hulp. Als een speer maken we de bijboot klaar en precies op tijd staan we paraat met onze papieren om naar de CBP (Customs and Border Patrol) te gaan. Dianne heeft al geregeld contact met ze gehad om onze komst aan te kondigen. Altijd was het prima en waren we welkom. Echter, vanochtend werd er niet vriendelijk gereageerd bij het maken van de afspraak om langs te komen. Wij gaan gespannen die kant op. Dianne heeft een forse auto met airco en heel veel knopjes. We zoeven van Beaufort naar Morehead City en in een achteraf klein kantorencomplex zit de CBP. Geen bordje, niets geen aanwijzingen. Bijzonder, alleen hadden we dit nooit kunnen vinden. Dianne gaat mee naar binnen en posteert zich dicht bij de balie. Maakt zich breed, en straalt uit “Here are my cruisers, you’d better treat them right’. Maar de man achter het loket is uiterst vriendelijk. Kijkt wat in de papieren, we moeten beide een papiertje invullen. Vraagt of we ook een cruising permit nodig hebben, ‘ja graag’. Dan excuseert hij zich voor een minuutje. Tien minuten later staan we ingeklaard mét een cruising permit voor een jaar weer buiten. Pfff, opluchting! Helemaal geen gedoe, geen sprake van quarantaine of wat dan ook en de maximale permit! Zelfs geen handschoenen en mondkapjes te zien in dit kantoor (wij zijn dan ook blij als we weer buiten staan).
Af en toe zwemmen de dolfijnen  op de ankerplaats om onze boot
Dank aan Dianne voor de hulp! Wat fijn om op iemand te kunnen rekenen in deze toch onzekere tijden. Het is de eerste keer dat we contact hebben met een OCC port officer en het blijkt reuze handig. Eerder hebben we ons OCC vlaggetje wel eens laten wapperen maar had dat weinig effect. Gedurende de reis maar een keer een andere OCC-boot tegengekomen en contact mee gehad. Hier is dat anders en is het een manier om makkelijk contact met andere cruisers te krijgen. Na de CBP is het tijd voor boodschappen en de zoektocht naar een telefoonkaart met data. Veel winkels blijken nog dicht of alleen op de stoep te helpen. Uiteindelijk belanden we bij de mega supermarkt/warenhuis Walmart waar we er in slagen een telefoonkaart met hotspot functie te krijgen. In de winkel dragen de medewerkers mondkapjes (of een sjaal, ze moeten hier duidelijk zelf voor zorgen). Er wordt geteld en niet te veel mensen mogen tegelijk naar binnen. Onze zelfgemaakte mondkapjes komen goed van pas. Het is duidelijk dat we aan de lock-down zijn ontsnapt maar van alle maatregelen en zorgen rond corona zijn we nog lang niet af. Na 2 uur staan we weer blij op de haven. Dianne gaat verder naar Ian op de Yantina, die ook ingeklaard moet worden. Deze boot is gisteren aangekomen en wij hebben de hele weg radio contact met ze gehad. We kletsen nog even aan boord bij Ken, hij is net via Florida uit de Carieb aangekomen. Was eigenlijk op weg naar de Pacific maar is door corona maar teruggekeerd naar de USA. Wij zijn er inmiddels achter dat Dianne morgen jarig is en plannen met Ken een borrel aan boord om dat te vieren en als bedankje voor de hulp. Pas eind van de middag komen we moe van alle indrukken weer aan boord. Lang geleden dat we zoveel hebben gedaan en zoveel contact met mensen hebben gehad. Het valt ons op dat iedereen ontzettend vriendelijk en behulpzaam is.
De hele dag is het wat onstuimig en winderig weer. De tropical storm Arthur is uiteindelijk toch net buiten langs de kust gegaan en hier binnen hebben we er verder niet zo veel van gemerkt.
Smullen van kaasfondue Texaanse stijl
De volgende dag relaxen we aan boord, krijgen de telefoonkaart aan de praat en ontmoeten om 16.00 Ken en Dianne aan boord van Loon. Het wordt een hele gezellige middag/avond met lekkere hapjes en drankjes. Alle 4 hebben we dit sociale deel van het cruisen toch wel erg gemist. We zijn het er ook over eens dat het wel oppassen blijft en dat je niet te veel contact moet hebben. De volgende dag post Ken enthousiast een foto van de verjaardagsborrel op Facebook met dank aan de geweldige port officer Dianne die zo goed voor haar cruisers zorgt. Uiteraard is er ook iemand die heel negatief reageert dat dit niet mag in corona tijd en vindt
OCC port officer Dianne
met logo mask
dat Dianne in haar ‘functie’ als port officer zo een slecht voorbeeld geeft en geen port officer waardig is ☹. Hoeveel voorbeeldfuncties moet iemand hebben die vrijwillig mensen van hot naar her rijdt en altijd klaar staat. Onze wraak is zoet, Dianne krijgt een paar dagen later van ons een mondkapje met OCC logo, port officer style. Zij post het trots op Facebook, dit krijgt heel veel reacties, allemaal positief.

We zijn een dag bezig met het uitzoeken en bestellen van de watermaker. Gelijk ook passen en meten waar we deze willen installeren. We kunnen hem bij Diane laten bezorgen en hij zou er binnen 10 dagen moeten zijn. We maken gelijk van de gelegenheid gebruik om ook nog een paar andere zaken van onze boot-schappenlijstje te bestellen. We hebben niet vaak een betrouwbaar adres waar we wat kunnen laten afleveren, en liggen zeker niet vaak lang genoeg stil. Zeker niet meer na negen weken gedwongen stil te hebben gelegen.

Geregeld wandelen we even door het stadje. Het is erg mooi en rustiek ook keurig aangeharkt.
Overal mooie witte houten huizen met grote veranda’s. Meestal met een mooi gemaaid grasveldje er omheen. Een enkele keer een weelderige tuin (vast de permanente bewoners). Veel huizen zijn voorzien van een bordje wie de eerste bewoner was en wanneer het gebouwd is. De meeste uit begin 1800, we zien er ook enkele uit 1700. Het is ruim opgezet en komt ook een beetje slaperig over. Front Street aan het water heeft veel toeristenwinkeltjes waarvan de meeste nu dicht zijn. In normale tijden is het vast een drukke toeristische bestemming. Alles is groot. De huizen (zeker de nieuwere) zijn groot, de auto’s, de mensen, de porties eten, echt alles. Zelfs de roodborstjes zijn hier mega, met de maat van een forse merel. Gelukkig ook de gastvrijheid en de vriendelijkheid. We zien alle clichés over Amerika binnen een paar dagen bevestigd.

We hangen ook lui in de boot terwijl het hoost van de regen. Het weer is wisselvalliger met dagen zon, dagen bewolkt en geregeld regen. We zijn
Uitzicht over Beaufort ankerbaai uit de mast
duidelijk op meer gematigder breedten aangekomen. Op regen dagen rommelen we een beetje met klusjes, bloggen, schilderen en kleine klusjes. Het regent een paar keer vrijwel de hele dag hard. We vullen dan de watertanks met regenwater (via filter). Lekker makkelijk en beter dan het water van de kant dat naar rotte eieren ruikt. Dus hopen we dat de watermaker binnenkort een einde maakt aan onze zoektochten naar water en we zeker zijn van een goede kwaliteit. En nog een stap naar volledige onafhankelijkheid.

We ontmoeten nog een OCC boot in de haven waar wij de bijboot parkeren. We worden gelijk uitgenodigd om in de Chesapeake bij ze langs te varen en hun steiger te gebruiken. Erg aardig. Zo gaat het eigenlijk steeds, de gastvrijheid is enorm. De buurman van deze boot vraagt ons gelijk mee in de auto van de haven (inderdaad, havens hebben hier gratis leenauto voor de passanten) als hij boodschappen gaat doen. Hij is echt een beetje beledigd als we een dag later met een bijboot vol boodschappen langsvaren omdat Dianne met ons
Midden in Beaufort onder de snelweg, toch volop
natuur om ons heen
boodschappen wilde doen. Inderdaad zíj wilde boodschappen doen, wij konden nog wel een paar dagen zonder. Konden het toch niet weigeren.
Hier in North Carolina gaan dingen langzaam terug naar normaal. Meer winkels gaan open. We bezoeken de farmers market die voor het eerst weer open is. Kramen staan op grote afstand, sommige met een lint er omheen. Aan het begin van de markt staat een kraam met water en zeep om je handen te wassen. Gewapend met een mondkapje kopen wij er een paar tomaten en een lekker broodje voor de lunch. Verder erg veel lokale handwerken te koop, de doelgroep is duidelijk de toerist. Vanaf 1 juni mogen de restaurants ook weer mensen (met afstand tussen de tafels) binnen en op terras bedienen. Hiervoor was het alleen take-out. We genieten er na maanden extra van, spare ribs en lokale garnalen.

Tijdens Memorial Day weekend is het schitterend weer dus we wandelen een stuk door het dorp en eten een broodje op een steiger langs Front Street. Op het water is het enorm druk met kleine motorbootjes die af- en
Mooie huizen langs Front Street
aanvaren. 
Bijna allemaal zijn ze voorzien van vele hengels en vaak grote platformen bovenop om de vis goed te kunnen spotten. En uiteraard voorzien van een grote Amerikaanse vlag. Vele met een grote Trump vlag, we zijn hier duidelijk in Trump land. We ontmoeten een praatgrage piraat die duidelijk maakt dat Beaufort en piraten nauw verbonden zijn (verklaard dit de Trump liefde?). Hij organiseert het jaarlijkse piratenfeest. Vele boten en mensen komen dan als piraten naar Beaufort voor parades en festiviteiten. In een ver verleden is Blackbeard hier voor de kust gestrand en heeft even in de omgeving gewoond. Dat inspireert nog steeds verschillende vrijbuiters om zich hier in de baaien/kreken met hun boten te vestigen.
Het is dit weekend ook een drukte van belang rond de LJS. Vlakbij de boot is een helling waar bootjes af en aan varen, het is vreselijk druk. Iedereen komt naar buiten omdat het Memorial Day weekend is. Een lang weekend voor de Amerikanen die dan alle gevallen soldaten uit de diverse oorlogen herdenken. Veel mensen zijn naar hun boot en/of tweede huis in Beaufort gekomen waardoor het duidelijk drukker is dan de voorgaande dagen.

Wij klussen ondertussen rustig wat aan de boot. Poetsen al het RVS werk dat toch inmiddels flinke roest sporen begon te vertonen. We sluiten de buitenwater douche aan op het warm water systeem en kunnen nu buiten warm douchen. Erg lekker nu het toch af en toe iets koeler wordt. We
Vanaf de boot genieten van mooie zonsondergangen
halen de windvaan er af en hangen de bijboot weer achter op de boot. We hebben de mast gemeten vanaf het water en we kunnen over de Inter Coastal Waterway. Lijkt ons leuk om te doen naar de Chesapeake, mooie afwisseling op het oceaan varen. En we hebben tijd zat, voorlopig is Canada nog niet open hebben we van de OCC port officer in Nova Scotia gehoord.
Na een paar dagen komt de Bojangles aan, zij zijn na 11 dagen zeilen nu ook uit St Maarten aangekomen. We hadden al via de App contact op St Maarten en via de radio toen wij onderweg waren. Leuk om ze nu in levende lijve te ontmoeten. Een van de dagen borrelen we om uitgebreid bij te praten en alle tips te horen. Dit wordt hun derde zomer langs de Amerikaanse oostkust. Het kriebelt bij ons inmiddels flink om weer verder te varen. Gelukkig komen langzaam de bestelde spullen binnen, alleen de watermaker nog.
Vogel eilanden, je ruikt ze vanuit de verte
We besluiten, om het wachten te verzachten en nog wat meer van de omgeving te zien. We gaan een weekend naar Cape Lookout, een hele mooie natuurlijke beschutte baai een mijl of 10 hier vandaan. Vrijdagochtend trekken we met moeite het anker uit de dikke klei. Er hangt een stuk ketting aan. Helaas valt het van het anker af en krijgen we het niet binnenboord. We nemen de route binnendoor via de kreken.
Wild paard op Rachel Carsons Reserve tegen
over Beaufort aan Taylor Creek
Gelijk als we de Taylor Creek uitvaren raken we met een bonk de grond. Het breekplaatje vliegt uit het roer. Dan kunnen we nog verder varen maar met het roer omhoog, dus het stuurt nogal zwaar. De tonnen en markeringen blijken erg ver uit elkaar te liggen. Het is even zoeken maar we komen zonder verder vastlopen bij Cape Lookout aan. Onderweg zien we veel vogels: pelikanen, sternen, ibissen en meeuwen. We varen door een groot binnenwater, alleen door een duinenrij (van oa Cape
Lookout) gescheiden van de Atlantisch oceaan. Het is er erg ondiep met vele kleine lage eilandjes. Echt een vogel paradijs. We ankeren eerst voor de lunch nog in de snelstromende geul. Ligt toch een beetje onrustig dus we varen in de middag nog verder tot voorbij de vuurtoren in de grote baai. Het is echt een hele mooie beschutte baai met veel ruimte. Als wij ankeren ligt er nog maar één boot. Tegen de avond 6 en de volgende ochtend ruim 10 boten. Maar het is er zo groot dat het zeker niet druk aan voelt. Het is schitterend om hier omringd door duinen en strand te liggen. Volledig omsloten en beschut.
De baai met de vuurtoren op de achtergrond,
het weer was vrij onstuimig

We brengen het weekend verder door met strandwandelingen, schilderen (inspirerende omgeving hier) en genieten van de natuur om ons heen. Aan de Atlantische kant blijken vissers met de auto over het strand tot hier te rijden. We zien één van de vissers een kleine haai vangen. Hij zet hem snel terug en is er duidelijk een beetje bang voor. 

We genieten er van de mooiste zonsondergangen
Om de boot zien we schildpadden hun kop boven water steken. Het zijn Karet 
Schild van kleine schildpad,
waarschijnlijk geraakt door
buitenboordmotor
schildpadden, veel groter dan de groene schildpadden in de Carieb. Deze eten schelpdieren die ze uit de blubber vissen. Het is lachwekkend als ze met een kop vol blubber naast de boot opduiken. Ze schudden dit dan van zich af en hullen zich in een zwarte wolk. We doen ook een poging om te vissen. Hier durven we weer, we hebben het gebied met Ciguatera in de Carieb achter ons gelaten. Helaas vangen we niets. Wel springt er overal vis uit het water. Je hoort ze ons bijna uitlachen. Het is echt genieten in deze mooie natuurlijke omgeving. Een speciale beleving zijn de geuren. Het ruikt er zoals altijd heerlijk zilt maar ook nu en dan een vleugje zoete jasmijn en dan weer een frisse dennengeur, heerlijk. We genieten met volle teugen.
Na een heerlijk weekendje weg zeilen we met de wind in de rug buitenom terug. Manon ziet even een haai naast de boot zwemmen, bijzonder. Het is een heerlijke tocht. Rond 12 uur liggen we naast de Bojangles voor anker en kunnen we verder met de voorbereidingen voor het etentje die avond met de Bojangles en Dianne. Het is weer een gezellige avond met lekker eten en goed gezelschap. De verhalen vliegen over en weer. Tegen zonsondergang komen de dolfijnen, die we al eerder bij de boot hebben gehad, weer eens langs zwemmen. Vlak voor we opbreken kijken we gezamenlijk naar de ISS die over komt ‘vliegen’.

Stenen als donatie aan het Maritiem museum

Manon helpt de vrijwilligers van het
museum straten















Dan volgen nog een paar dagen van afwachten. Waar blijft nu die watermaker! Volgens de tracker zou hij arriveren maar wordt opeens de datum weer veranderd naar twee dagen later. We bellen om te klagen maar alle excuses liggen hier op een presenteerblaadje. De koeriersdienst heeft last van de corona maatregelen en van de onlusten (waar wij hier gelukkig niets van merken). We doen nog een keer uitgebreid boodschappen met Dianne bij de Lidle. Toch handig om dat hier met de auto te doen, alle inkopen passen maar net in één keer in de bijboot.

De watermaker is net gearriveerd en wordt straks door Dianne gebracht. Morgen (5 juni) gaan we anker op en ontdekken wat Amerika nog meer te bieden heeft. De start is ons in ieder geval erg goed bevallen.

vrijdag 29 mei 2020

Ontsnapping aan de lock-down


Als we eindelijk van Saint Martin wegvaren kijken we nog lang achterom, nog uren blijft het eiland in zicht. Het zal toch altijd een speciaal plekje innemen, we hebben er lieve behulpzame mensen ontmoet en in mooie
We laten St Martin achter ons
baaien gelegen. We kijken achterom met een dubbel gevoel. Ondanks de lock-down hebben we het erg naar onze zin gehad. Nog nooit hebben we zo lang op één plek gelegen. We zijn volledig tot rust gekomen terwijl er zich ook langzaam een onrust in ons opbouwde. Wanneer wordt deze griezelige en ongrijpbare situatie beter? We zitten te wachten maar waarop eigenlijk? Hoe kunnen we ons risico zo klein mogelijk maken? Waar kunnen we heen voordat het orkaanseizoen aanbreekt? Maar ook wat staat ons te wachten nu we verder gaan? Mogen we Amerika echt in?

Met met een lekkere 12-15 knopen wind in de rug gaan we als een speer richting nieuwe horizonten en avonturen. Eind van de middag hebben we ook Anguila het buureiland van St Martin al achter ons gelaten. Met een kleine hik-up. Het is er even wat ondieper en we pikken een visboeitje op. Opeens gaan we nog maar 2 knopen en zien we de balletjes in ons zog meeslepen. Gelukkig is het genoeg om het roer omhoog te pompen om ze weer kwijt te raken. We zetten de boom in de genua en 1 rif voor de
Met alles vast en uitgeboomd gaat het heerlijk rustig
nacht. Net voor het donker is komt er een vliegtuigje overvliegen. Hij draait om en vliegt nog een rondje om ons heen. Als het donker is zien we ook een marineschip op de AIS. We waren al gewaarschuwd voor veel marine activiteit in verband met een grote anti-drugs actie. We zullen wel goed in de gaten gehouden worden.

Onze eerste nacht worden we begeleid door een zwarte stern die op de bimini is neergestreken. Hij blijft er de hele nacht zitten dommelen en vliegt pas weg als de zon weer op komt. Net als de stern hebben we een rustige eerste nacht. Slapen allebei redelijk, het duurt altijd even voordat
het ritme van het wachtsysteem er weer in zit. Het was ook wennen dat het s’nachts een beetje afkoelde. Met 27 graden voelde het fris en hadden we een legging en een trui aan. We hebben wel mazzel met de bijna volle maan, het is erg licht. Hoe mooi ik de sterrenhemel ook vind, iets zien tijdens de wacht heeft echt de voorkeur.
Om 12.00 10/5 hebben we onze eerste 24-uur er op zitten en 148 mijl afgelegd. Mooie afstand. Het is heet, de golven zijn rustig. Met ongeveer 16 knopen wind heerlijk zeilen. Het is gelukt om alle weerberichten via de radio binnen te halen. Wij hebben doordat we met de Salty Dawg meevaren advies van een weerman/routeerder. Zo iemand zit achter vele computerschermen en geeft advies over de beste route en waarschuwt als er zwaar weer aankomt. Hierover krijgen we een mail (doorgestuurd uit Nederland) en we kunnen hem tijdens een twee maal daags radionetje oproepen voor een direct advies. Op de ochtend dat we vertrokken begon deze weerman opeens over een tropical low (iets dat zich tot een orkaan kan ontwikkelen) die zich bij de Bahama’s vormde. Maar volgens hem erg onwaarschijnlijk dat dit echt zou ontstaan. Hij blijft het noemen in de berichten, waarschijnlijkheid van 10%. Als het nu niet komt dan zou het een week later wel ontstaan uit de grote warme bel die zich bij de Bahama’s en Florida had verzameld. Wij varen door, wat is nu 10% kans, erg weinig toch? Het advies is om zo hard mogelijk te varen. Dat doen we dan maar. Zodra de snelheid iets terugzakt rollen we de genua verder uit. Minder dan 7 knopen zien we weinig op de meter.

In de tweede nacht worden we gekruist door een vrachtschip. Gelukkig zien we die altijd al van verre aankomen op de AIS (automatic identification system). En zij ons ook als het goed is. Met dit systeem is het ook makkelijk te zien hoe dicht je elkaar nadert. Voor deze rollen we de genua weg om te vertragen en hem ruim voorlangs te laten varen. Om 12.00 loggen we een dagafstand van 150 mijl. Het is warm met 30,6 graden, watertemperatuur is nog 28,3 graden. We zien de eerste squals (kleine heftige buien) in de lucht hangen maar hebben er niet veel last van. Kwam ook nog niet veel wind uit. We varen nog steeds met het
Zonsopgang met zwarte wolken
eerste rif in het grootzeil en de genua uitgeboomd. Tijdens het radionetje in de avond (maandag) horen we van de weerman dat we donderdag/vrijdag een laag over krijgen met meer wind. Maar we hebben voldoende ruimte om ons heen om dan ruime wind te gaan varen tot het voorbij is. De voorspelde 25-30 knopen is ook nog niet zo veel. Het zich mogelijk ontwikkelende tropisch laag blijft een vraagteken.
De derde nacht is weer een rustige. We zien alleen wat donkere luchten van buien, veel wind komt er niet uit. Om 12 uur op 12/5 loggen we een dagafstand van 148. We hebben gegijpt en de boom naar de andere kant gezet omdat de wind is gedraaid. Bijna zuid, volgens de weerberichten zou deze nog oost moeten zijn. De wind neemt ook langzaam af, om 6.00 nog 18-20 kn nu nog maar 11. We zeilen rustig de nacht in. Om 22.30 heeft Stef er genoeg van, de wind is weg en de achtergebleven golven laten ons flink slingeren. Door dat slingeren gaan de zeilen vreselijk klapperen, een slijtage slag. Hij start de motor voor voortgang en stabiliteit. Pas om 3.00 weer wind, 12 knopen en Manon zet de motor weer uit en rolt de genua uit. Inmiddels zeilen we hoog aan de wind. Onze koers blijft steeds gelijk, we varen in de zo recht mogelijke lijn richting Beaufort NC.

Om 12.00 13/5 hebben we 133 mijl als dagafstand. Even wat minder wind en het is gedaan met de mooie gemiddelden. Het is vandaag dierendag. We zien, 5 roodsnavel keerkringvogels tikkertje spelen om de boot, een groep bruine genten komt jagen in ons kielzog, twee jagers zweven een tijd om de boot en als klap op de vuurpijl

Twee jagers scheren rond de boot
komt er een groep kleine dolfijnen langs. In de middag trekt de wind flink aan. Het tweede rif gaat er in. In de lucht hangen dreigende donkere randen. Zou dit het front zijn dat over zou komen? Het wordt een nacht met een onstuimige zee. Wind is toegenomen naar 25 knopen. We stuiteren over het water. We maken flinke snelheid maar er komen bakken water over de boot. Voor het eerst zitten we tijdens onze wacht binnen. We kijken iedere 20 minuten even buiten om ons heen. Er werd in het weerbericht al gesproken over ‘inclement weather’, vrij vertaald als slecht weer. We krijgen er een aardige indruk van. Het waait, geregeld een regenbui en
Dreigende luchten
onrustige zee (golven komen van verschillende richtingen). Als de golven tegen de boot klappen spat het flink over de boot heen. Onze weerman is er nu zeker van dat er zich een tropisch laag aan het ontwikkelen is. Deze zal vanaf Florida naar Bermuda trekken. Ergens kruist hij dus onze route. Wij moeten doorvaren om hem voor te blijven en in ieder geval in het goede kwadrant terecht te komen.


14/5 Stef heeft even last van opspelende zeeziekte. Gelukkig na een pilletje en een paar uur slapen weer over. Het wordt ook koeler. De watertemperatuur is inmiddels 26,5 graad, gaat langzaam naar beneden.  Om 12.00 hebben we een dagafstand van 168, gelijk aan ons record. Dat schiet lekker op. We blijven de hele dag binnen hangen terwijl de golven geregeld over de kuip heen spatten. Buiten is alles nat en helemaal niet lekker in nu te zitten. Gelukkig doet de windvaan het prima
Even de windvaan bijstellen is een nat klusje
en hoeven wij, buiten een beetje uitkijk houden, verder ook niets te doen. Op de radio horen we dat de twee boten die bij ons in de buurt varen ook onstuimige omstandigheden hebben. “Welcome in the trough” luidt het op de radio. Even doorzetten duurt maar 24-uur. Iedere ochtend en avond hebben we ook contact via de radio met enkele andere boten van de Salty Dawg. Iedere avond praten we even bij met de Bojangles die nog op St Maarten liggen en ons snel achterna komen. Het is fijn om even mensen te horen als je zo dagen op zee zit. Om 00.00 boeken we een 24-uursafstand van 168,8 mijl. Een nieuw record. We houden ook meer zeil dan normaal om het laag voor te blijven.

15/5 Om 12.00 een dagafstand van 168, weer een mooie afstand. Inmiddels heeft het laag een naam, Arthur. Hoe is het mogelijk, je vaart de Carieb uit om orkanen en ‘named storms’ uit de weg te gaan. Wat krijgen we op onze hielen? Een storm met een naam, en wel erg vroeg in
het seizoen. De watertemperatuur is gezakt naar 24,5 graad. We komen duidelijk noordelijker. De golven zijn langer en rustiger geworden. We voelen ons beide weer helemaal goed na al dat geslinger en gestuiter. Stef zet weer koffie om Manon haar bed uit te krijgen. Gedurende de
nacht is de wind wat afgenomen en hebben we steeds wat meer genua bij gegeven. We moeten snelheid houden en wordt nu gesproken over een cyclone! We zijn beide wel wat gespannen door deze berichten over slecht weer. Aan de andere kant kunnen we er ook niets aan doen. Uitwijken kan niet. Dat zou naar Bermuda zijn en daar gaat Arthur ook heen. Terug is tegen de wind in en dan komen we nooit op tijd uit zijn baan. Zoals we nu gaan blijven we hem een dag voor en zijn we op tijd binnen. Om 17.00 komt er een vliegtuig heel laag over. Hij draait twee
Bezoek, is dat schrikken
rondjes om ons heen. Via de marifoon worden we opgeroepen, ‘Are you all right out there?’ Ja hoor, tot nu toe wel. Ze zijn op zoek naar een boot die te lang niets van zich heeft laten horen. Later horen we dat deze ontmast is en op motor naar Bermuda is uitgeweken. Toch fijn om te weten dat er in zulke gevallen naar je gezocht wordt. Tegen de avond varen we nog maar met 1 rif en bijna hele genua 15 knopen wind. Golven zijn lang en het gaat lekker. In de nacht kruisen we met een schip. Altijd even een moment van spanning en aandacht.


16/5 We varen nog steeds ruime wind met vrij veel zeil. Zitten vandaag weer buiten. Er komt geen water meer over en de zon schijnt weer. Om 12.00 hebben we een dagafstand van 159 mijl. We houden de barometer goed in de gaten in verband met Arthur.
Aangelijnd douchen op het achterdek, heerlijk
Hij gaat maar heel langzaam naar beneden. Dus Arthur komt nog niet sneller dichterbij. In de middag douchen we beide, heerlijk om weer helemaal fris te zijn. We verwachten morgen aan te komen, zou net moeten lukken voor het donker. Gedurende de dag komt er nog twee keer een vliegtuig over. Wel iets hoger dan die van gisteren. Het doet ons beseffen hoe lang we al geen vliegtuigen hebben gezien. Eind van de middag gaat de boom er weer in en koersen we op het punt af waar we de warme golfstroom willen oversteken. Dit gaan we dwars doen
Voorbereiding op de aankomst, de
Amerikaanse vlag gaat omhoog
omdat de voorspelling is dat de wind zal toenemen en noordelijk zal worden. In de warme golfstroom (stroomsnelheid van 3-4 knopen) is een wind tegen stroom situatie erg onaangenaam. Dit geeft hele hoge steile golven. We lopen de hele boot goed na, zetten alles wat nog los ligt binnen goed vast. Stef doet er tijdens zijn wacht alles aan om zo hard mogelijk te gaan. Er kwam zelfs 11 knopen op het log voorbij. Volgens de weersvoorspellingen blijven we Arthur nog steeds net voor. Van de golfstroom merken we eigenlijk niets behalve dat we opzij gezet werden. De temperatuur liep van 25 op naar 27,5 en weer terug naar 25 graden. Hij is ongeveer 60 mijl breed.

17/5 In de ochtend krijgen we het bericht dat Arthur meer dan verwacht
Donkere luchten begeleiden
de laatste dagen.
de kust aan houdt en in Beaufort aan land zal gaan. Niet te geloven, dat is ons plan! De hele dag zeilen we zo hard mogelijk door. De wind is variabel van 10-20 knopen. Er zitten vrij veel buien in de lucht. Om 12.00 hebben we weer een dagafstand van 164 mijl. We kruipen langzaam dichterbij over de kaart. De laatste uren wisselen zon en regenbuien elkaar af. De kust is erg laag, pas op 7 mijl afstand zien we de kust. Inmiddels is de lucht loodgrijs en is het begonnen met regenen. Vlak voor we de geul in gaan trekt de wind aan en zetten we er nog gauw weer een rif bij. In de ingang komt ons een groot vrachtschip tegemoet. Wij blijven even naast de vaargeul hangen tot het gepasseerd is. Het ruikt hier naar dennenbomen en naar Vlieland en
Gespannen schipper: "hoe stroomt het, waar
gaat dat vrachtschip heen, verdorie
waarom trekt de wind nu net aan....."
Terschelling en zo ziet het er met de lage duinen en strand ook uit. Het stroomt flink in de geulen tussen de zandplaten. Eenmaal binnen halen we het grootzeil naar beneden en varen op motor naar Town Creek in Beaufort North Carolina. 

Aanloop van Beaufort NC, lage zandplaten en duinen
Om 17.30 liggen we heerlijk rustig achter ons anker. Na 1230 mijl (2220 km) in 8 dagen en 5 uur. Van Arthur nog geen spoor. Wij liggen zo ver mogelijk naar binnen, hopelijk veilig. Volgens voorspellingen komt Arthur maandagochtend aan land. Wij zijn hem een halve dag voor gebleven. Erg opgelucht dat we er zijn. Ook bijzonder gevoel om in Amerika te zijn en wel op eigen kiel. We liggen vlag bij een drukke weg (dat is ook al maanden geleden) en grote trucks en pick-ups met zware motoren rijden af en aan. We mailen met ons contactpersoon hier, morgen om 10.30 staat ze klaar om ons naar de douane te brengen. Alles geregeld en we zijn binnen.
Met een welverdiend drankje proosten we op de goede aankomst, onze trouwe piraat LJS die ons snel en veilig heeft over gebracht en het begin van weer een nieuw avontuur.

vrijdag 8 mei 2020

Eindelijk weer onderweg!

Na veel wikken en wegen en natuurlijk dromen hebben we een knoop doorgehakt. De route staat in de plotter. Beaufort is voor ons nu een bestemming, geen schaal voor de windsterkte meer.


1 mei viel het besluit, het moest ook wel. We groeien hier dicht, geen beweging en niets anders te doen dan eten. We hebben alles nog eens op een rijtje gezet. Nog eens goed op de Corona verspreidingskaart van de VS gekeken en een paar
Verschillende routes en het weer
vergelijken, hoe gaan we varen?
mailtjes verstuurd. Dus we gaan naar de VS, gekke president of niet. Mail contact hebben we met een boot die al in de zuidelijke staten van Amerika rondvaart. Dat gaat vrij soepel, het is makkelijk afstand houden. En het belangrijkste, je kan er nog varen. Het raadplegen van de COVID19 kaart van Amerika geeft aan dat in Noord en Zuid Carolina niet al te veel gevallen zijn, ook geen echt grote steden waar je langskomt. Uit ons contact met de Ocean Cruising Club port officer Diane in Beaufort NC blijkt dat we er

Help, een pelikaan op de preekstoel.
Wat doet die daar nou?
welkom zijn. We mogen inklaren en kunnen een cruising permit krijgen. Met het vaste voornemen om de brandhaard New York en omstreken te omzeilen voelt het goed. We kunnen zo naar het noorden varen en uit de orkaanzone. Hoe we vandaar verder gaan, dat plan zal zich in de loop van de zomer vormen. We hadden ons al bij een Rally van paniekerige Amerikanen aangesloten die hulp nodig hebben om naar huis te varen. Die hulp bestaat onder andere uit contacten met de douane en instanties. Dat vinden wij in deze tijden wel erg handig. Dus we melden ons niet af maar geven door dat we rond 10 mei mee varen. Vanwege corona mag toch niemand contact met elkaar hebben
Nog even op bezoek bij de langoustines
met de buren, zij wonen precies tussen onze boten in.
dus ieder vaart voor zich en geen verplichte feestjes en toestanden van een 'normale' rally. Dit kunnen wij net aan. Had ik al gezegd dat we ook nog 5 weerberichten per dag krijgen en we 4 keer per dag (minstens) onze positie door moeten geven? We gaan moe worden deze oversteek.
We naaien een paar mondkapjes om aan voorschriften te kunnen voldoen. Baat
het niet schaden doet het ook niet. Samen met de buurvrouw gaan we 6 mei naar de grote supermarkt voor boodschappen. Super lief dat ze ons helpen. Twee winkelwagentjes vol moeten ons weer een tijd vooruit helpen. Hoeven we in de VS niet te vaak naar de winkel en onder de mensen. En in ons achterhoofd houden we ook nog rekening met de mogelijkheid dat de grens van de VS toch opeens wordt gesloten. Ze hebben tenslotte een
gekke president. In dat geval draaien we om en zetten we koers naar Bermuda, Azoren en Nederland.
Na het opruimen van de boodschappen en het droppen van een bedankje varen we gelijk naar Anse Marcel om 7 mei water te tanken en uit te klaren. Het waait flink en morgen nog meer. De buurman speelt voor loods met zijn bijboot voor ons uit. Hebben we weer een andere route naar buiten gevonden.
7 mei zijn we eerst heel druk met het weer. Er zitten wat nare fronten boven Florida en we wikken en wegen nu hoe we daar geen last van kunnen krijgen. Dan snel richting water in de haven. Water is geen probleem. Echter dat uitklaren… Het kantoor is gesloten. Afgelopen twee keer dat we hier waren liep de havenmeester werkloos rond en hoopte hij maar dat wij iets aan hem zouden vragen. Hij heeft het wachten opgegeven en heeft het kantoor gesloten. Uitklaren zit er hier dus niet in. De waterman helpt ons aan twee adressen in Marigot Bay waar we wel zouden kunnen uitklaren. Dus na het opbergen van de bijboot (voor het watertanken netjes schoongemaakt) zeilen we naar Marigot Bay. De grote drukke baai bij de hoofdstad van Saint Martin. Het is een klein uurtje zeilen, het is hier niet zo groot. Bij het oproepen van de haven Port Louis echter geen gehoor! Navraag geeft aan dat die dicht is. Dus we kunnen niet met Long John Silver aan de kant. We gaan voor anker vlakbij de bijbotensteiger, het is er een drukte van belang. Stef zwemt naar de buurman en scoort een lift vroeg in de ochtend van 8 mei. Waar zouden wij zijn zonder buren 😊.
Als je al weken niets doet moet je niet opeens haast hebben natuurlijk. Als Manon 8 mei vroeg bij de watersportwinkel staat blijkt hij dicht te zijn. Inderdaad die
Marigot Bay, weer eens een ander uitzicht.
nationale feestdag waar de buren uit Cul-de-Sac al voor hadden gewaarschuwd. Niets aan te doen, proberen we het 9 mei gewoon opnieuw. Onze aardige buurman staat dan weer klaar. Maar zo erg is het nog niet, we gaan rustig door met voorbereiden, weerberichten binnenhalen en nog even een blog er uit persen. nog een laatste hik-up, Amerika blokkeert de weerberichten van onze routeerder naar de radio. Gelukkig staat in Nl vader Zwart klaar om ze door te sturen. Zou een grap zijn, hebben we eens een keer een routeerder en dan kan je de berichten niet ontvangen. De onderkant is inmiddels mooi schoongepoetst gaan we lekker snel. En we hebben weer een mazzel, de buren hadden ook nog een recente pilot over. Wij alleen een hele oude. Zij krijgen vele bits en bites aan digitale pilots voor
We genieten nog eens rustig van een mooie
zonsondergang. Goed te zien hoe druk deze baai is.
Europa als bedankje. Dit blijft toch ook een van de mooie dingen aan het cruisen, die hulp en klaar staan voor elkaar. Het is fijn om te merken dat corona hier niets aan heeft veranderd. Iedereen houdt afstand maar biedt hulp.
Om 8.30 scherp komt de buurman Manon halen voor een nieuwe poging om uit te klaren. Stap 1, de winkel is open! Stap 2, het formulier... dat is toch weer een dingetje. Manon wordt weggestuurd naar de haven om uit te klaren omdat we het digitaal al hebben gedaan in een 'ander'?!? systeem. Dat is inmiddels al lang verlopen, ik wil hier nu uitklaren. Na wat drammen mag ik digitaal een excel invullen... kan niet op de telefoon. Stef zit op de boot de formulieren in te vullen en te mailen terwijl Manon bij de winkel de wacht houdt. Het digitale tijdperk maakt dingen makkelijker maar ook ingewikkelder. Na een uurtje komt er een formulier de winkel uit (je mag niet naar binnen). Yes, het is binnen. Vertrek 9 mei vanuit Saint Martin! Nu staat niets ons meer in de weg. Inmiddels hebben we ook nog de dekkingen van de ziektekostenverzekering gecheckt. Ook geen probleem.
Dus... Het is gelukt! We zijn uitgeklaard. Na het posten van dit blog gaat het anker omhoog. Tot over een dag of 10. Onze positie werken we regelmatig bij op het blog.

woensdag 29 april 2020

Onze baai in lock-down

Met wikken en wegen gaat tijd versleten. Gelukkig want tijd hebben we hier in overvloed en moeten we kwijt. We kunnen niet voor- of achteruit. Vooruit is het nog te slecht weer en achteruit zijn alle grenzen dicht (vooruit ook de meeste trouwens). Ondertussen leren we ‘onze’ baai steeds beter kennen.
Onze baai in Corona tijd
Onze baai is sinds het vorige blog wel veranderd. Waar we toen nog idyllisch en ‘veilig’ bij een onbewoond eiland lagen liggen we nu bij de bewoonde wereld. De dag na het posten van het vorige blog werden we weggestuurd van het eiland. Het was voortaan verboden gebied, voor 
Voor anker in Orient Bay
onze veiligheid. Advies was om naar Marigot Bay te gaan. Zelf vonden we het op dit eiland een stuk veiliger dan tussen 160 andere boten in een baai. We verkasten naar Orient Bay, daar schommelden we te erg dus verkasten we naar Pinel Island. Ook een natuurgebied met een mooi strandje en lieflijke heuvels. Normaal gesproken overstroomt met dagjes mensen voor het strand en restaurants maar nu helemaal verlaten. Sinds de lock-down is het verboden om naar het
Voor anker voor het strand van Pinel Island
strand te gaan en dus ook naar dit eiland. Het geeft ons wel een mooi uitzicht. We maken kennis met onze twee buren, een Fransman en een Canadees. Maar na een paar dagen is het ook bij Pinel raak, we worden opnieuw weggestuurd. Hebben wij een neus voor verboden gebieden? Hebben die Fransozen dan alle mooie plekjes tot verboden gebied verklaard? Onder protest gaan we weer ankerop en laten 300 meter verderop het anker opnieuw vallen. Nu liggen we in de baai Cul-de-Sac en dat is geen natuurgebied. Er zwemmen wel meer schildpadden dan even verderop in het marine reservaat
😊. Het is ook zeker geen slechte plek. Er liggen maar een
Volop inspiratie in de baai
paar boten (de meeste leeg), is goed afgeschermd tegen de golven van buiten dus in alle opzichten lekker rustig. We hebben al twee keer een uitje gemaakt naar Anse Marcel een baai om de hoek waar we in een kleine jachthaven water kunnen tanken. Het regent helaas niet genoeg om onze tanks te vullen. We mogen ook met de boot alleen bewegen voor essentiële zaken, daar valt water halen onder bleek tijdens politie controle op volle zee.

Als je een paar weken op één plek ligt dan zie je steeds meer details in je kleine wereldje. Zo is daar de prille liefde. Onze buurman van Pinel is ook naar deze baai gekomen. En we zien steeds drukker verkeer tussen een catamaran en zijn boot. Op de catamaran bevindt zich een hele mooie dame als bootoppas. Waar zij eerst altijd alleen door de baai scheurde met haar bijboot is dat steeds vaker in gezelschap van de grijze boot-man. Het is duidelijk dat ze de social distancing-fase voorbij zijn. Afgelopen weekend was het zelfs zover dat ze aan boord was tijdens het vaste weekend van zijn kinderen. Dit leidde wel tot uithuilen bij de yoga-man die onderdeel van deze drie-eenheid vormt.
Water tanken in Anse Marcel

Yoga-man laat ons geregeld beseffen dat we te weinig bewegen. Waar hij twee keer per dag een uur yoga op het voordek doet, komen wij (Manon in dit geval) niet verder dan af en toe een start. Na 10 minuten heeft ze er al schoon genoeg van. De nieuwste vinding van de Yoga man is al zwemmend het anker uit de grond trekken. Achter de boot aan een touw en dan hard zwemmen. Kunnen wij met ons nieuwe Rocna anker ook wel weer vergeten, die krijgen we nooit uit de grond. Wij zwemmen dus af en toe dan maar een stukje (stiekem want dit is ook verboden in Frankrijk) of wandelen met ons officiële briefje naar de supermarkt. Boodschappen sjouwen is natuurlijk ook lichamelijke oefening.
Onze baai, Cul-de Sac. LJS met al onze buren

Binnenkort gaan we boodschappen doen met de auto van de Standvastige Fransen. Een lief, wat ouder stel die 22 jaar geleden uit Frankrijk naar hier zijn gezeild. Sinds die tijd wonen ze in deze baai op hun boot. En dan te bedenken dat wij het na vier weken al wel hebben gezien. Vorige week voeren we even langs om te vragen of zij nog een tip hadden om water te halen. Helaas niet, zij nemen iedere dag een jerrycan mee als zij naar hun kantoor in de drukke Marigot Bay gaan. Maar heel spontaan boden ze
Tijdens wandeling blijkt dat we ook
 20 ezels als buren hebben. Toch bij dan
we met een auto mogen lenen ipv een ezel
gelijk hun auto aan voor als we een keer veel boodschappen bij de grote supermarkt verderop willen doen. Dat gaan we zeker doen om de grote lading te halen als we weer denken te gaan vertrekken. Gelukkig spreekt Stef een aardig mondje Frans en dat opent hier deuren. Mensen zijn erg aardig en hartelijk als je ze benaderd.

Stef had hen beiden al eerder gesproken toen de boot van de Drifters langs kwam drijven. Hij was naar ze toe gezwommen om te vragen of zij wisten van wie de boot was die opeens langs kwam drijven. Er was al telefonisch contact met de Drifters. Zij zouden er in tien minuten zijn. Inderdaad ze kwamen hun boot redden. Maar ze legden zoveel gewicht in de schaal dat hun boot vastliep op een ondiepte waar de boot alleen vrolijk overheen was gedobberd. Ook met hulp van de Standvastige Fransen kwamen ze er niet af. Stef sprong weer in het water om te gaan redderen. Na vergeefs aan de giek te hangen (we zijn al flink aangekomen van het niets doen maar nog niet genoeg) sprong Stef met de val in de hand bij de Standvastige Fransman in de boot. Samen krenkten (schuin trekken) ze de boot en hij kwam eindelijk los. Inderdaad de 1,5 meter afstand kwam in gevaar dus de buurman trok maar even zijn T-shirt over zijn neus. Heel af en toe varen de Drifters nu vrolijk zwaaiend langs om te kijken of hun boot nog niet weer vertrokken is.

Dan hebben we ook de dagelijkse reuring van “het Zielige jongetje”. Iedere dag komt hij een paar keer langs gepaddeld, ‘Bonjour Madam/Monsieur, bonjour Madam/Monsieur’. Meer zegt hij niet maar dat herhaalt hij dan wel erg vaak. Maakt niet uit of er nu wel of niet iemand in de buurt is. We horen hem altijd van verre aankomen. Als je naar hem kijkt of zwaait dan blikt hij snel weg. Het is de enige persoon in de baai die niet door de politie op de bon wordt geslingerd voor zwemmen, paddelen of anderszins plezier hebben op het water.
Geregeld politiebezoek om zwemmers
en kanoërs te beboeten

Dat met die politie is wel een dingetje. We durven niet meer uitgebreid en vaak te water te gaan. De grote barracuda’s die onder de boot wonen durven we nog wel te omzeilen. Maar 135€ voor even zwemmen vinden we wel zonde en houdt ons veelal uit het water. En niet alleen ons. Zodra de politie een rondje heeft gevaren en de baai verlaat springt iedereen het water in en komen alle bewoners van de waterkant in hun kano’s en op hun sups van de baai genieten. Gelukkig wordt er weinig gecontroleerd. Je zal als Franse politieman ook maar denken iets te gaan bijdragen aan de veiligheid op het eiland en dan vervolgens op zwemmers en strandgangers moeten gaan jagen. Dat hadden ze bij hun beroepskeuze vast ook niet gedacht.

Wat doen we dan eigenlijk de hele dag….. gluren naar de buren dus, lezen, computeren, schilderen en klusjes. Oh ja en Facebooken en
Nieuwe hor voor de ingang

 
Klaar voor de boodschappen

Hoesjes over de haspels
Aan de klus achter de naaimachines
internetten, eindeloos volgen we de situatie in landen en havens en de
Radio pielen,  voorbereiding
voor een vertrek
overwegingen van lotgenoten. Maar helaas maken we elkaar meer gek dan dat we er nu wat mee opschieten. En zo blijven we piekeren
Geregeld schiet de tekst van
het goede Doel door ons hoofd
‘waarheen en wanneer’ als de grenzen weer open gaan. We hebben gedacht aan Curaçao maar dat is te warm, we dachten aan Trinidad maar dat ligt gevaarlijk dicht bij Venezuela. Dan maar naar Amerika met onze visa. Maar dat valt af omdat ze daar geweren hamsteren. We overwegen Canada maar daar is het nog te koud. Zeker gaan we naar Bermuda maar dat is nog te vroeg. Wie weet komen we nog in Nederland, daar lijken we nog welkom, maar misschien ook wel niet. En België, er zijn gevallen bekend dat men naar België ging, maar daar zijn we ook niet welkom.. 

Proost, wij liggen hier nog even en maken er het beste van.